 |
Inleiding
Oorzaken
Hulpmiddelen Media
Interviews
Forum |
Media: artikelen over incontinentie en ouderen |
| |
|
Incontinentie oorzaak valpartijen |
Bron: AD / geplaatst 23-03-2007
Iedereen valt. De vallende mens werkt op de lachspieren, daar worden televisieprogramma's mee gevuld. Als een oudere valt, is dat niet om te lachen, dat is ernstig.
René van Bruggen is klinisch geriater in het Groene Hart Ziekenhuis. Samen met collega klinisch geriater Astrid van der Sanden, verpleegkundigen ouderenzorg Marieke Otterspeer en Riëtte Oudenaarden heeft hij onlangs de valkliniek geopend.
Ook incontinentie kan overigens een oorzaak zijn, vult Otterspeer aan. Incontinentie is niet iets dat de meeste ouderen aan de grote klok hangen. ,,Wij merken dat snel genoeg tijdens het onderzoek. Mensen die incontinent zijn, drinken doorgaans minder om urineverlies tegen te gaan. Dat kan leiden tot uitdroging, wat het valrisico verhoogt. Drinken op oudere leeftijd is enorm belangrijk. Uitdrogingsverschijnselen komen nogal eens voor,'' zegt Van Bruggen. |
Polikliniek JBV voor incontinente
ouderen |
Bron: Brabants Dagblad/ geplaatst 23-03-2007
Mensen van 65 jaar en ouder die last hebben van spontaan urineverlies, kunnen vanaf 4 juni terecht in een speciale incontinentiepolikliniek. Het Jeroen Bosch Ziekenhuis in Den Bosch start daar dan mee.
In de gespecialiseerde kliniek werken de afdelingen geriatrie en urologie nauw samen. Deze opzet is volgens het ziekenhuis uniek voor Nederland.
In Nederland hebben één miljoen mensen last van incontinentie van urine. Er zijn verschillende oorzaken voor. In de incontinentiepolikliniek voor 65 jaar en ouder komen patiënten eerst terecht bij een verpleegkundige. Die neemt met hen vragenlijsten door, onder meer over medicijngebruik. Ook wordt een loop- en geheugentest gedaan. Daarnaast worden urine en bloed onderzocht.
Als blijkt dat de incontinentie voornamelijk wordt veroorzaakt door problemen aan de blaas of urinewegen, volgt een afspraak met de uroloog. Is dat niet het geval, volgt een afspraak bij de geriater. |
Familieleden klagen over zorg |
Bron: Bijzijn.nl / geplaatst 28-02-2007
Familieleden van demente ouderen vinden de kwaliteit van de zorg in een kwart van de verpleeghuizen ondermaats.
Zij zien onvoldoende personeel op de afdelingen, merken dat bewoners niet naar het toilet kunnen als zij dat willen, en niet op tijd worden verschoond en vinden dat er te weinig voor ze te doen is.
Dat blijkt uit onderzoeksgegevens van de stichting Cliënt & Kwaliteit die op verzoek van de Volkskrant zijn geanalyseerd. Cliënt & Kwaliteit ondervroeg de afgelopen drie jaar duizenden familieleden en contactpersonen van bewoners in ruim 250 verpleeghuizen. Instellingen gaven daar zelf opdracht voor zodat ze op basis van de beoordeling aan verbeteringen konden werken.
Verzekeraars CZ en Achmea hebben aan de uitkomsten al financiële consequenties verbonden. Zij willen dat verpleeghuizen een keurmerk halen waarvoor onder meer een goede score nodig is in het onderzoek onder bewoners en familie. Achmea stelt dat keurmerk vanaf volgend jaar verplicht. De verzekeraars geven instellingen die goed presteren meer geld.
Op basis van de scores op acht terreinen van de zorg, deelt Cliënt & Kwaliteit de verpleeghuizen in drie groepen in. De verpleeghuizen uit het onderste segment, een kwart van het totaal, scoren gemiddeld niet hoger dan 2,5 op een schaal van 0 tot 4.
Familie spreekt grote waardering uit voor de verzorgenden: ruim driekwart noemt het personeel geduldig, 85 procent vindt dat ze goed met de bewoners omgaan en dat ze open staan voor vragen. Maar de zorg gebeurt volgens 15 procent te gehaast. Eenderde vindt dat onvoldoende verzorgend personeel op de afdeling is.
Aernout Schravendeel, adjunct-directeur van Cliënt & Kwaliteit, zegt dat familie van verpleeghuisbewoners vooral hecht aan een respectvolle omgang en aan het gevoel dat hun dierbaren worden gekend.
Een kwart van de ondervraagde familieleden zegt dat de bewoners niet naar het toilet kunnen wanneer zij dat willen, 20 procent merkt dat ze niet tijdig worden verschoond. Bijna 30 procent vindt dat er voor verpleeghuisbewoners te weinig activiteiten zijn. ‘Er is niet veel anders te doen dat staan, zitten en lopen’, merkt een familielid op. |
| Handleiding voorkomt onnodige incontinentie |
Bron: Nursing.nl / geplaatst 03-12-2006
Vooral verzorgenden zijn deskundigen bij het voorkomen van onnodige incontinentie. Zelf naar het toilet kunnen blijven gaan en zolang mogelijk continent blijven, dragen sterk bij aan de kwaliteit van leven van cliënten. Verbetering van de zorg bij de toiletgang en incontinentie verdient daarom hoge prioriteit.
Dat vinden ActiZ, Sting en SCA Personal Care, die samen het ondersteuningspakket ‘Zorg bij de toiletgang en incontinentiezorg’ hebben ontwikkeld om de kwaliteit van de incontinentiezorg te verbeteren. Het ondersteuningspakket bestaat uit een handreiking voor het management, een lesbrief voor teamleiders en opleidingsfunctionarissen , en uit een handleiding op zakformaat voor verzorgenden. De handleiding voor verzorgenden bevat hulplijsten waarmee zij meer inzicht krijgen in vormen van incontinentie en ondersteuning bij het vinden van gerichte oplossingen.
Herkenbaar toilet
Het pakket is gister tijdens de Zorg voor Beter-Dag in het Muziektheater aan ‘t IJ in Amsterdam aangeboden aan drs. Jenneke van Veen, hoofdinspecteur Verpleging en Chronische Zorg van de Inspectie voor de Gezondheidszorg. ‘Soms wordt er in verpleeg- en verzorgingshuizen te snel naar incontinentiemateriaal gegrepen’, zei mevrouw Van Veen tijdens het rondetafelgesprek dat daarop volgde. ‘Terwijl je dat met andere oplossingen misschien kunt voorkomen. Is de weg naar het toilet voor bewoners wel goed te vinden? Bijvoorbeeld met markering op de grond. Of met fellere verlichting boven de deur. Staat er duidelijk op de deur aangegeven, dat het een toilet is?’
In de luiers
Mevrouw Van Veen weet uit eigen ervaring dat incontinentie vaak een negatief effect op de kwaliteit van leven heeft. ‘De directeur van een zorginstelling wilde besparen op incontinentiemateriaal door minder vaak te verwisselen. Dat kon best, vond hij. Ik was het daar niet mee eens. Hij daagde me uit om het zelf uit te proberen. Die ervaring was heel zinnig. Ik kan vertellen dat het absoluut niet prettig was om na drie keer een plas daar nog mee te moeten lopen. Ik raad het iedere verzorgende aan om het zelf te ervaren.’ |
| Onnodig Onnodig veel patiënten lijden aan incontinentie |
Bron: Zorg voor Beter / geplaatst 04-10-2006
Onnodig veel patiënten in Nederlandse zorginstellingen lijden aan decubitus, incontinentie, ondervoeding en huidonstekingen. Dat is de ontluisterende conclusie van de Landelijke Prevalentiemeting Zorgproblemen (LPZ) 2006. De eerste resultaten van het verbetertraject Decubitus zijn echter positief. Het meten van decubitus blijkt de cruciale factor voor het direct verminderen van het risico op doorliggen.
“Het niveau van de basiszorg is onvoldoende”, zegt projectleider Ruud Halfens van de Universiteit van Maastricht bij de presentatie van de resultaten van de Landelijke Prevalentiemeting Zorgproblemen 2006. “Eén op de vier patiënten in Nederlandse zorginstellingen lijdt aan incontinentie en ondervoeding. Behalve bij decubitus, is er nauwelijks verbetering gemeten ten opzichte van voorgaande jaren.” |
| Familie en ouderenzorg |
Bron: ANP / geplaatst 08-08-2006
Internationaal seminar The Ageing Barometer:
Familie krijgt grotere rol in ouderenzorg
De familie gaat de komende decennia een veel grotere rolspelen bij de zorg voor ouderen, zo luidt één van de conclusies
tijdens The Ageing Barometer, een internationaal seminar van TENA over de sociale,economische en medische implicaties van de vergrijzing in Europa. Het seminar, dat
in maart 2006 plaats vond, had als doel een debat op gang te brengen over het verbeteren van de kwaliteit van ouderenzorg. Angst voor afhankelijkheid
Op deze dag werd een door TENA gesponsord onderzoek gepresenteerd waarvoor 2000 Britten
en Duitsers in de leeftijd van 14 tot 65 jaar ondervraagd zijn over de kwaliteit van
leven van ouderen. Daaruit blijkt onder meer dat afhankelijkheid van anderen een grote
angst is en een enorme impact heeft op de kwaliteit van leven van ouderen. Bijna de helft
van de mensen in de leeftijdscategorie van 20 tot 49 jaar maakt zich tevens zorgen over
incontinentie en het effect daarvan op de kwaliteit van leven. 's Middags stond
incontinentie op het programma, een thema dat volgens diverse sprekers prominenter op de
'public health agenda' dient te komen. Incontinentie staat in de top-4 van de grootste
taboes in Europa (samen met erectieproblemen, winderigheid en aambeien). Mensen die
lijden aan incontinentie raken hierdoor dikwijls in een sociaal isolement, gaan minder
uit, stoppen met sporten of vermijden zelfs bezoek. Acceptatie en opvang door de omgeving
is cruciaal. In dat licht presenteert professor Grundy haar onderzoeksgegevens waarin zij
aangeeft dat de familie hier de komende twintig jaar een cruciale rol in gaat spelen,
meer dan de zorginstellingen.
Incontinentie in Nederland
Wereldwijd lijden er 200 miljoen mensen aan incontinentie, van wie één
miljoen in Nederland (zes procent). 75% van hen is vrouw. Van de vrouwen die de veertig
gepasseerd zijn, is één op de vier incontinent. |
| Zorg voor demente bejaarden in tehuis is slecht |
Bron: Volkskrant 20-04-2005
Demente bejaarden in verpleeghuizen zijn aan de willekeur van het personeel overgeleverd. Er is geen garantie dat ze voldoende eten krijgen. Zwaar demente bejaarden krijgen een keer in de drie weken een douche-beurt. Bewoners krijgen hooguit twee stuks fruit per week, doorgaans harde appels die ze niet kunnen eten. Sommige bewoners krijgen een luier, zodat het personeel niet met ze naar de wc hoeft.
Dit zegt Anne-Mei The, antropoloog en jurist aan de Vrije Universiteit in Amsterdam. Ze onderzocht het leven van demente bejaarden door twee jaar lang drie dagen per week mee te draaien in een verpleeghuis. Het tehuis, waarvan de naam geheim is, staat volgens de onderzoekster model voor een gemiddeld verpleeghuis in de Randstad. |
| Onderschat probleem
|
Bron: Artsennet 02-03-2006
Incontinentie bij ouderen is onderschat probleem
Van de ouderen die te maken hebben met ongewild urineverlies gaat slechts de helft voor een behandeling naar de huisarts. De anderen passen hun activiteiten aan of nemen hun toevlucht tot incontinentiemateriaal. Dat hoeft niet, want urine-incontinentie is goed te behandelen, aldus de Deventer huisarts Doreth Teunissen, tevens verbonden aan de afdeling Huisartsgeneeskunde van het UMC St Radboud in Nijmegen. Zij promoveert op 7 maart op dit onderwerp.
Ongewild urineverlies komt bij oudere mensen vaak voor. Van de zelfstandig wonende vrouwen boven de zestig heeft 29 procent minimaal twee maal per maand te maken met ongewild urineverlies. Bij de mannen boven de zestig is dat 9 procent. Dat komt neer op een half miljoen Nederlanders van zestig jaar of ouder. Hierbij zijn bewoners van verzorgings- en verpleeghuizen niet meegerekend. Gezien de toenemende vergrijzing van de Nederlandse bevolking zal dit aantal de komende decennia sterk groeien.
Deze gegevens zijn afkomstig uit het promotieonderzoek van Doreth Teunissen naar urine-incontinentie bij ouderen die nog zelfstandig wonen. Het is een vervolg op eerder onderzoek van prof.dr. Toine Lagro-Janssen, die incontinentie bij vrouwen van middelbare leeftijd in kaart bracht.
Training en medicatie
Teunissen interviewde 370 ouderen met incontinentieproblemen. Slechts de helft van hen had hiervoor de dokter geraadpleegd. Veel ouderen met incontinentie denken dat er toch niets aan te doen is. Vrouwen hebben doorgaans weinig moeite met het gebruik van incontinentiemateriaal, mannen zijn eerder geneigd hun activiteitenpatroon aan te passen. Zij gaan bijvoorbeeld minder de deur uit. Teunissen: ‘Dat is jammer, want de meeste vormen van incontinentie zijn met een bekkenbodemtraining, een blaastraining en eventueel aanvullende medicatie goed te behandelen. Mensen kunnen dan weer gewoon de deur uit en het gebruik van incontinentiemateriaal kan worden beperkt.’ Aan incontinentiemateriaal gaven de zelfstandig wonende Nederlanders in 2002 104 miljoen euro uit. Hierbij komt nog het bedrag dat verpleeghuizen hieraan besteden.
Huisartspraktijk
Teunissen ontdekte dat mannen en vrouwen verschillend tegen incontinentie aankijken. De meeste vrouwen accepteren het probleem als een onvermijdelijk gevolg van doorgemaakte zwangerschappen en ouderdom. Mannen zijn bang dat er misschien iets mis is met hun prostaat en gaan daarom met hun klachten eerder naar de huisarts dan vrouwen. Deze angst is veelal ongegrond. Bij de huisarts blijkt dan dat de incontinentie in de meeste gevallen niet samenhangt met prostaatproblemen en goed te behandelen is.
Het behandelen van incontinentie bij ouderen is typisch een zaak voor de huisartspraktijk en niet voor de tweede lijn, vindt Teunissen. Oudere patiënten hebben vaak nog andere gezondheidsproblemen, die de behandeling kunnen beïnvloeden. De huisarts is hiervan op de hoogte, terwijl de tweede lijn de incontinentie veeleer als geïsoleerd probleem bekijkt, stelt zij. Praktijkondersteuners of wijkverpleegkundigen zouden ingezet kunnen worden voor de uitleg en de begeleiding van bekkenbodem- of blaastraining. De bestaande huisartsenrichtlijn is gericht op urine-incontinentie bij vrouwen van middelbare leeftijd. Teunissen beveelt aan om deze richtlijn aan te passen, zodat hij ook geschikt wordt voor ouderen.

|
| De fabriek |
Bron: Algemeen Dagblad 23-06-2004 SCA-Hoogezand is producent van maandverband en incontinentie-producten. "Op dit moment zijn er ruim 1 miljoen Nederlanders met 'ongewild urineverlies'", zegt algemeen-directeur Andre Voogsgeerd van SCA Nederland in Hoogezand. "Bij zo'n 500.000 zijn de problemen dermate ernstig dat ze dagelijks luiers moeten gebruiken." In 2025 - op het toppunt van de vergrijzing - schat SCA het aantal mensen met urineverlies op 1,4 miljoen.
De Nederlandse incontinentie-markt was vorig jaar 150 miljoen euro waard; zo'n 9 procent meer dan het jaar daarvoor. "Het beleid van de overheid is: mensen zo lang mogelijk zelfstandig thuis laten wonen. Hulpmiddelen, zoals ons product, helpen daarbij. De kwaliteit van het leven wordt erdoor vergroot. En het heeft kostenvoordelen: thuis wonen kost de maatschappij minder dan wonen in een verpleeginstituut. "Met andere woorden: SCA is goed bezig. Want mensen voor wie urineverlies een ernstig probleem is, kunnen in een sociaal isolement terechtkomen. "Die durven het huis niet meer uit. De geur bepaalt het sociale leven. Vandaar dat de kwaliteit van de incontinentie-luier zo van belang is. Het gevoel van veiligheid, daar gaat het om. Wij moeten ervoor zorgen dat er geen lekkage optreedt. Een 100-procents-garantie is er overigens niet, als bijvoorbeeld het verkeerde product is gebruikt, of als de luier te lang is gedragen of verkeerd is aangelegd."
Bij SCA laten ze niets aan het toeval over. Alles, maar dan ook werkelijk alles, wordt onderzocht. Incontinentie als big business. Luister en huiver. Onder het motto 'tijd = geld' de vraag: hoe lang is een verpleegkundige bezig met het verwisselen van een incontinentie-luier? Daar in het hoge Noorden weten ze het antwoord op die vraag, want met dergelijke keiharde statistieken trekt SCA potentiële klanten over de streep. 'Rekenmeester' Voogsgeerd: "In een gemiddeld verpleeghuis is sinds 1995 de tijd die per dag wordt besteed aan het verwisselen van incontinentie-verbanden, gedaald van bijna 8 naar 2,5 minuut per bewoner. Op jaarbasis betekent dat per 100 bewoners een besparing van grofweg 3400 uur. "Is dat een vermindering van de werklast voor de verpleegkundige, of niet?"

|
| Tijdsdruk en tekort aan personeel |
Bron: Website PvdA door Wil Bathoorn
Ik heb gewerkt (als stagiaire) in de geriatrie (ouderen) voornamelijk met dementerende ouderen. Hier heb ik dingen gezien die mij vreselijk tegen de borst stuiten. Dementerenden kunnen niet meer voor zichzelf opkomen en zijn soms niet aanspreekbaar of "onhandelbaar". Dan worden er soms wat ik noem mensonterende handelingen verricht.
Een voorbeeld: een oudere dame liep niet vlug genoeg naar haar slaapvertrek voor haar middagdutje. Door 2 personen werd zij onder de arm genomen en naar haar bed gesleept. Haar voeten sleepten over de vloer. Op bed werd haar jurk omhooggeschoven en haar broek uitgetrokken. Zo lag ze onder een deken op incontinentie materiaal. Ook werden ouderen niet naar het toilet gebracht als ze een "luier" omhadden.
Voor het warm eten werd weinig tijd uitgetrokken. Om 12.30 kwam het karretje de schalen weer ophalen. Bord niet leeg, pech gehad. "drukke" personen kregen een haldol zodat de middag voor ons niet zo hectisch zou zijn.
Tijdsdruk en tekort aan personeel maakt dat men zo handelt. Zo kan die wel weer.

|
| 'Zorg moet zich richten op preventie' |
Bron: Zibb.nl
De gezondheidsraad adviseert Kamer over ouderenbeleid. Het voorkómen van ziekten moet ervoor zorgen, dat toekomstige generaties in goede gezondheid oud kunnen worden. Typische ouderdomskwalen als doorligwonden en incontinentie moeten worden bestreden.
Een citaat uit het rapport: "... Ook incontinentie is bij ouderen een veel voorkomend probleem. Meer dan de helft van de bewoners van verzorgingshuizen en 90 procent van de verpleeghuisbewoners heeft te kampen met incontinentie voor de urine. Maar ook bij zelfstandig wonende ouderen komt het vaak voor. In één onderzoek had negentien procent van de zelfstandig wonende 60-plussers last van urine-incontinentie, zes procent van fecale incontinentie en 3 procent van incontinentie voor zowel urine als ontlasting. Net als het Gezond-heidsraadadvies over decubitus heeft ook dat over urine-incontinentie nog weinig aan actualiteit ingeboet. De raad stelde in 2001 vast dat over het geheel genomen de kwaliteit van leven van ouderen met urine-incontinentie door een behandeling conform de bestaande richtlijnen aanzienlijk te verbeteren is, ook wanneer het gaat om patiënten met meervoudige co-morbiditeit en beperkingen. Maar in de praktijk, zo meldde het advies,‘[wordt] door personeelstekorten in de thuiszorg, verzorgingshuizen en verpleeghuizen […] doorgaans voornamelijk verzorging geboden en te weinig adequate behandeling van incontinentie.’ De commissie heeft mede op grond van haar eigen ervaringen de indruk dat sinds 2001 de zorg voor ouderen met incontinentie in het algemeen niet verbeterd is. ..." |
| |
|
| |
|
|
|